Wat is laagfrequent geluid (LFg)
Laagfrequent geluid bevindt zich in het grensgebied tussen normaal hoorbaar en onhoorbaar geluid in de laagste frequenties. De meeste wetenschappers hanteren een frequentiebereik van 0 – 125 Herz voor het begrip LFg. Het frequentiebereik tussen 0 en 20 Herz wordt ook wel infrasoon geluid genoemd. LFg plant zich goed voort via de lucht, maar ook via de bodem, leidingen of andere materie. Door de grote golflengte van LFg is het geluid slecht tegen te houden, kan het geluid ver (kilometers) dragen en kan het niveau per plaats verschillen. Daardoor is de bron vaak moeilijk te traceren.

Mensen die LFg waarnemen, melden een scala aan medische en lichamelijke klachten (slaapproblemen, vermoeidheid, hoofdpijn, benauwdheid, druk op de borst, druk op de oren, hartkloppingen, een gevoel van trillingen in het lichaam). Daardoor heeft deze groep een grotere kans op psychische klachten (stress, burn-out, depressie) en sociaal-maatschappelijke problemen (isolement, relatieproblemen, huisvestingsproblemen en arbeidsongeschiktheid). Een deel van de waarnemers ervaart zodanige hinder dat men het leven als ondraaglijk betitelt.

Mogelijke bronnen
LFg kan worden veroorzaakt door bijvoorbeeld

  • Apparatuur of voorzieningen in en om het huis, bij de buren of in de directe omgeving, zoals cv-ketels, warmtepompen, ventilatiesystemen, vijverpompen, zwembadpompen etc.;
  • verkeer (weg- en spoorverkeer, scheep- en luchtvaart);
  • boven én ondergrondse (industriële) installaties,  zoals  elektriciteits- en warmtecentrales, waterzuiveringsinstallaties, rioleringsinstallaties, pompen, gemalen, ventilatoren, koelinstallaties, aggregaten, ventilatiesystemen, afzuiginstallaties, compressoren zoals bijvoorbeeld gebruikt in de gasindustrie, enz.;
  • Windturbines

Hinder voor de omgeving kan ontstaan als installaties verkeerd geplaatst of afgesteld zijn, of wanneer een bron een te hoog niveau aan LFg uitzendt.

Waarnemen
LFg wordt door melders vaak omschreven als brommend, zoemend, gonzend, dreunend, of pulserend geluid of een gevoel van trilling. Ook de vergelijking met het geluid van een op afstand draaiende dieselmotor wordt regelmatig gemaakt. Een deel van deze groep neemt LFg alleen binnen of ’s nachts waar. Een net zo groot deel neemt het echter ook buiten en overdag waar. LFg wordt vaak anders ervaren dan ‘gewoon’ geluid. Uit onze meldingen blijkt dat LFg vaak als heel indringend ervaren wordt, waardoor het een veel grotere impact heeft op het lichaam dan alleen het horen van een toon.

Mensen die LFg waarnemen, melden een scala aan lichamelijke klachten (slaapproblemen, vermoeidheid, hoofdpijn, benauwdheid, druk op de borst, druk op de oren, hartkloppingen, een gevoel van trillingen in het lichaam). Daardoor heeft deze groep een grotere kans op psychische klachten (stress, burn-out, depressie) en sociaal-maatschappelijke problemen (isolement, relatieproblemen, huisvestingsproblemen en arbeidsongeschiktheid). Een deel van de waarnemers ervaart zodanige hinder dat men het leven als ondraaglijk betitelt.

Een nieuw fenomeen: LFg+
De laatste jaren zijn er wereldwijd steeds meer meldingen van ernstige hinder door laagfrequent geluid, terwijl er geen duidelijk akoestisch LFg gemeten wordt. Deze variant wordt vrijwel overal en continu waargenomen en vertoont bij waarnemers opvallende overeenkomsten, zowel qua omschrijving (geluid van een dieselmotor op afstand, brom, pulserende gons, gevoel van trillingen of elektriciteit in het lichaam), als qua waarneming (over het hele land gelijktijdige variaties in volume en karakter). In veel gevallen hebben waarnemers al een uitgebreide zoektocht achter de rug, maar geen bron kunnen vinden.

Tot nu toe is het onduidelijk of de wereldwijd waargenomen hinder een gemeenschappelijke bron heeft of dat het wellicht een nieuw fenomeen betreft. Stichting LaagFrequent geluid wil daarom graag weten of andere natuurkundige en biofysische (lichamelijke) aspecten hierbij een rol zouden kunnen spelen en dringt aan op breed wetenschappelijk emissie – perceptie onderzoek op dit gebied.

Omdat over deze materie nu nog geen onderzoeksgegevens bekend zijn, noemt Stichting LaagFrequentgeluid dit fenomeen voorlopig ‘LFg+’.